007_hoofdpaat- info

 

 INFO

 

Om de info te lezen: scroll naar beneden
To read the info: scroll down
So lesen Sie die Informationen: Blättern Sie nach unten

  NEDERLANDS  |  ENGLISH  |  DEUTSCH

 
bron: wikipedia.nl


NEDERLANDS

Hoofdplaat in de gemeente Sluis

Hoofdplaat (West-Zeeuws Vlaams dialekt: d’Oôfplaote) is een klein dorp in de gemeente Sluis, in de Nederlandse provincie Zeeland. Het zich in de regio Zeeuws-Vlaanderen bevindende dorp ligt aan de Westerschelde en heeft 802 inwoners (2010). Dit is samen met de nabijgelegen buurtschappen Nummer Eén, Slijkplaat en Hoogeweg. Hoofdplaat zelf heeft 773 inwoners.

Zicht op Hoofdplaat

Rond het jaar 1000 stond het huidige gebied rond Hoofdplaat al bekend als Gaternesse. De kerk van Gaternesse stond waar men vandaag de Rooden Hoek vindt. Na vele overstromingen stond in 1408 het hele gebied weer onder water. De ruïnes van de kerk waren echter tot en met 1664 nog te zien tussen de overgebleven schorren en slikken.

In 1700 waren de schorren zodanig aan elkaar gegroeid dat Andries Kaen uit Sluis de Staten van Zeeland verzocht om de buitendijkse gebieden in te dijken. Dit verzoek had als gevolg dat o.a. de magistraat van Biervliet, de erven van Jacob Cats, de Baljuw van Breskens, Het vrije van Sluis en de Staten van Zeeland het gebied toe-eigenden. Na vele jaren geruzie gaven de Staten van Zeeland in 1774 een Pro Memoria uit, waarin alle problemen rondom het gebied werden uiteengezet. Het geheel escaleerde zo erg dat Den Haag en Middelburg meezochten naar een oplossing. Hieropvolgende werd op 31 augustus 1775 een “Conventie en Schickinghe” gehouden waarin de westelijke 40% naar de Raad van State ging en de rest viel onder het bestuur van de Staten van Zeeland. Op 12 november 1777 begonnen de werkzaamheden.

De Hoofdplaatpolder werd in 1778 drooggelegd. In totaal werkten er ongeveer 2500 arbeiders aan het inpolderen ervan. Het was een diverse groep, velen werkten normaliter in de landbouw, maar er waren ook beroeps-dijkwerkers. Het grootste gedeelte van de arbeiders kwam uit de omgeving van Maldegem. Het indijken was gereed voor de herfststormen van 1778.

De Staten van Zeeland verkopen hun gronden op 24 maart, volgens plannen wordt er hier een dorp gebouwd: Hoofdplaat. In 1781 volgen de Generale Staten en in dit deel verrijst Slijkplaat.

Bezienswaardigheden

De Nederlands-hervormde kerk werd gebouwd tussen 1783 en 1785, naar ontwerp van architect Coenraad Kaijser. Het is een van de oudste gebouwen in het dorp en werd in 1974 als rijksmonument ingeschreven. Door het beperkt aantal protestanten en de ontkerkelijking raakte het kerkje uiteindelijk uit gebruik.

De rooms-katholieke neogotische Sint-Eligiuskerk dateert uit 1860-1861. De hervormde kerk was vooral gebouwd met geld uit Middelburg voor rijke boeren die zich in de polder van Hoofdplaat gingen vestigen. De eerste dorpsinwoners waren echter katholieke Vlaamse arbeiders die al gauw een verzoek indienden voor een katholiek kerkje, wat echter werd afgewezen. Pas na de verovering van Zeeuws-Vlaanderen door de Fransen mocht een kerk gebouwd worden. Een eerste kerk werd in 1795 gebouwd, en in 1860-1861 vervangen door de huidige kerk.

Molen De Hoop is een molenromp aan de Zuidlangeweg.

Sculptuur van Omer Gielliet ter herinnering aan de 780 Salzburgse emigranten die aan de Prins Willempolder in 1733 geland zijn. Op 9 maart 1733, aan de Doddenhoekdijk (voortgezette Oranjedijk, 45 jaar voor het droogkomen van de Hoofdplaatpolder, op hoogte van de vroegere uitwateringssluis van de Prinswillempolder, tussen huidig Nummer Een – dat nog niet bestond – en Sasput), landden ongeveer 780 Salzburger immigranten uit Dürnberg “die vanwege hun Lutherse geloof huis en haard moesten verlaten” (tekst naast de sculptuur, zie foto onderaan). Op 10 maart 1973 werd daar een beelhouwwerk geplaatst dat verloren is gegaan en is in 1996 vervangen door een sculptuur ontworpen door Omer Gielliet, pastoor te Breskens. Het Zeeuws Archief geeft een precies historisch verslag van deze 18de-eeuwse vluchtelingencrisis. In zijn boek (zie ‘Literatuur’) beschrijft Peter de Lijser de moeilijke levenscondities van deze vluchtelingen. Het Zeeuws Archief vermeldt een aantal steeds in Zeeuws-Vlaanderen aanwezige familienamen zoals Auer, Eggel, Ehrlich, Ekkebus, Fagginger, Keijmel, Neugebauer, Scheybeler en Wemelsfelder.

ENGLISH

ENGLISH

Hoofdplaat


Province Zeeland Municipality Sluis
Coordinates
51 ° 22 ‘N, 3 ° 40’ E
Residents (1-1-2010) 803


Hoofdplaat in the municipality of Sluis
Hoofdplaat (West-Zeeuws Flemish dialect: d’Oôfplaote) is a small village in the municipality of Sluis, in the Dutch province of Zeeland. The village in the Zeeuws-Flemish region is located on the Westerschelde and has 802 inhabitants (2010). This is together with the nearby hamlets Nummer Een, Slijkplaat and Hoogeweg. Hoofdplaat itself has 773 inhabitants.

View of Hoofdplaat
Around the year 1000 the current area around Hoofdplaat was already known as Gaternesse. The church of Gaternesse stood where one finds the Rooden Hoek today. After many floods, the entire area was flooded again in 1408. However, the ruins of the church were still visible between the remaining salt marshes and mud flats until 1664.
In 1700, the marshes had grown together in such a way that Andries Kaen from Sluis asked the States of Zeeland to embank the areas outside the dikes. As a result of this request, among other things, the magistrate of Biervliet, the heirs of Jacob Cats, the Bailiff of Breskens, Het Vrije van Sluis and the States of Zeeland all appropriated the area. After many years of bickering, the States of Zeeland issued a Pro Memoria in 1774, in which all the problems surrounding the area were explained. The whole escalated so much that The Hague and Middelburg looked for a solution. Subsequently, on August 31, 1775, a “Convention and Schickinghe” was held in which the western 40% went to the Council of State and the rest fell under the administration of the States of Zeeland. Work began on 12 November 1777.
The Hoofdplaatpolder was drained in 1778. In total, approximately 2,500 workers worked on their reclamation. It was a diverse group, many worked normally in agriculture, but there were also professional dike workers. The majority of the workers came from the Maldegem area. The dike was ready for the autumn storms of 1778.
The States of Zeeland sold their land on March 24, according to plans a village is built here: Hoofdplaat. In 1781 the General States followed and Slijkplaat rose in this part.
Sights
The Dutch-reformed church was built between 1783 and 1785, designed by architect Coenraad Kaijser. It is one of the oldest buildings in the village and was registered as a national monument in 1974. Because of the limited number of Protestants and the secularisation, the church eventually became out of use.
The Roman Catholic neo-Gothic St. Eligius Church dates from 1860-1861. The reformed church was mainly built with money from Middelburg for wealthy farmers who settled in the polder of Hoofdplaat. The first village inhabitants, however, were Catholic Flemish workers who soon submitted a request for a catholic church, which however was rejected. Only after the conquest of Zeeuws-Vlaanderen by the French, a church could be built. A first church was built in 1795, and in 1860-1861 replaced by the current church.
Windmill De Hoop is a mill body on the Zuidlangeweg.
Sculpture by Omer Gielliet in memory of the 780 Salzburg emigrants who landed at the Prins Willempolder in 1733 can be foud at Doddenhoek. On 9 March 1733, at the Doddenhoek dike (continuation of Oranjedijk, 45 years before the Hoofdplaatpolder went dry, at the height of the former drainage lock of the Prinswillempolder, between current Nummer Een which did not yet exist – and Sasput), about 780 Salzburger immigrants landed from Dürnberg “who had to leave their homes because of their Lutheran faith” (text next to the sculpture). On March 10, 1973, a sculpture was placed that was lost and was replaced in 1996 by a sculpture designed by Omer Gielliet, priest in Breskens. The ‘Zeeuws Archief’ gives a precise historical account of this 18th-century refugee crisis. In his book, Peter de Lijser describes the difficult living conditions of these refugees. The Zeeuws Archief mentions a number of family names that are always present in Zeeland Flanders, such as Auer, Eggel, Ehrlich, Ekkebus, Fagginger, Keijmel, Neugebauer, Scheybeler and Wemelsfelder.

DEUTSCH

DEUTSCH

Hoofdplaat
Provinz Zeeland Gemeinde Sluis
Koordinaten
51 ° 22 ‘N, 3 ° 40’ E
Einwohner (1-1-2010) 803

Hoofdplaat in der Gemeinde Sluis
Hoofdplaat (Zeeland Westflämisch Dialekt: D’Oôfplaote) ist ein kleines Dorf in der Gemeinde Sluis, in der niederländischen Provinz Zeeland. Das Dorf in der Region Zeeuws-Flandern liegt an der Westerschelde und hat 802 Einwohner (2010). Dies ist zusammen mit den nahe gelegenen Weiler Nummer Een, Slijkplaat und Hoogeweg. Hoofdplaat selbst hat 773 Einwohner.

Ansicht von Hoofdplaat
Um das Jahr 1000 herum war das heutige Gebiet um Hoofdplaat bereits als “Gaternesse” bekannt. Die Kirche von Gaternesse stand dort, wo heute der Rooden Hoek liegt. Nach vielen Überschwemmungen wurde das gesamte Gebiet 1408 wieder überflutet. Die Ruinen der Kirche waren jedoch bis 1664 zwischen den verbliebenen Salzwiesen und Wattflächen noch sichtbar.
Im Jahr 1700 waren die Sümpfe so zusammengewachsen, dass Andries Kaen aus Sluis die Staaten von Zeeland bat, die Gebiete außerhalb der Deiche einzugraben. Diese Anforderung zurückzuführen war auf den Bereich der Magistrat von Biervliet, die Erben von Jacob Cats, die Gerichtsvollzieher von Breskens, die ‘vrije van Sluis und die staten von Zeeland aufzunehmen. Nach vielen Jahren des Gezänkes haben die Staaten von Zeeland 1774 eine Pro Memoria herausgegeben, in der alle Probleme in der Gegend erklärt wurden. Das Ganze eskalierte so sehr, dass Den Haag und Middelburg nach einer Lösung suchten. Im Anschluss hielt ein „Übereinkommen und Schickinghe“ am 31. August 1775, in dem das westlichen 40% an den Staatsrat ging und der Rest unter der Verwaltung der Staaten von Zeeland fiel. Die Arbeiten begannen am 12. November 1777.
Der Hoofdplaatpolder wurde 1778 trockengelegt. Insgesamt arbeiteten etwa 2.500 Arbeiter an ihrer Rekultivierung. Es war eine heterogene Gruppe, viele arbeiteten normalerweise in der Landwirtschaft, aber es gab auch professionelle Deicharbeiter. Die Mehrheit der Arbeiter kam aus dem Gebiet von Maldegem. Der Deich war bereit für die Herbststürme von 1778.
Die Staaten von Zeeland verkaufen ihr Land am 24. März, nach Plänen wurde hier ein Dorf gebaut: Hoofdplaat. 1781 folgten die Generalstaaten und Slijkplaat stieg in diesem Teil auf.
Sehenswürdigkeiten:
Die Niederländisch-reformierte Kirche wurde zwischen 1783 und 1785 nach Plänen des Architekten Coenraad Kaijser erbaut. Es ist eines der ältesten Gebäude im Dorf und wurde 1974 als Nationaldenkmal registriert. Wegen der begrenzten Anzahl von Protestanten und der Säkularisierung wurde die Kirche schließlich außer Gebrauch.
Die römisch-katholische neugotische St. Eligius Kirche stammt aus den Jahren 1860-1861. Die reformierte Kirche wurde hauptsächlich mit Geld aus Middelburg für reiche Bauern gebaut, die sich im Polder von Hoofdplaat niederließen. Die ersten Dorfbewohner waren jedoch katholisch-flämische Arbeiter, die bald eine Bitte um eine katholische Kirche einreichten, die jedoch abgelehnt wurde. Erst nach der Eroberung von Zeeuws-Vlaanderen durch die Franzosen konnte eine Kirche gebaut werden. Eine erste Kirche wurde 1795 gebaut und 1860-1861 durch die heutige Kirche ersetzt.
Windmühle De Hoop ist eine Mühle Körper auf dem Zuidlangeweg.
Skulptur von Omer Gielliet zum Gedenken an die 780 Salzburger Emigranten, die 1733 im Prins Willempolder landeten. Am 9. März 1733 die Doddenhoek teich (Fortsetzung Oranjedijk, 45 Jahre, um den Hoofdplaat Polder auszutrocknen, auf der Höhe der ehemaligen Entwässerungsschleuse Prince Willemspolder zwischen aktueller Nummer Een – die nicht existierte – und Sasput), landete etwa 780 Salzburger Einwanderer von Dürnberg “, die wegen ihres lutherischen Glaubens ihre Heimat verlassen mussten” (Text neben der Skulptur). Am 10. März 1973 wurde eine Skulptur aufgestellt, die verloren ging und 1996 durch eine Skulptur ersetzt wurde, die von Omer Gielliet, Priester in Breskens, entworfen wurde. Das Zeeuws Archief gibt einen genauen historischen Bericht über die Flüchtlingskrise des 18. Jahrhunderts. In seinem Buch beschreibt Peter de Lijser die schwierigen Lebensbedingungen dieser Flüchtlinge. Die Zeeland Archiv nennt eine ganze Reihe von zunehmend in niederländischen Flandern vorhanden Namen wie Auer, Eggel, Ehrlich, Ekkebus, Fagginger, Keijmel, Neugebauer, Scheybeler und Wemelsfelder.