025_nieuwvliet- info

 

 INFO

Om de info te lezen: scroll naar beneden
To read the info: scroll down
So lesen Sie die Informationen: Blättern Sie nach unten

 
bron: wikipedia.nl

NEDERLANDS

Nieuwvliet

Nieuwvliet (in de volksmond Sinte Pier) is een klein dorp in de gemeente Sluis, in de Nederlandse provincie Zeeland. Het dorp bevindt zich in de regio Zeeuws-Vlaanderen. Het dorp heeft 459 inwoners (2010).

Het dorp bestaat in feite uit twee delen: Nieuwvliet-Dorp en Nieuwvliet-Bad.

Nieuwvliet-Dorp ligt twee kilometer van de kust vandaan. Rond 1600 ontstond hier de eerste bebouwing. Naast de Ned. Hervormde kerk is van de oorspronkelijke bebouwing niet veel meer over. De meeste inwoners wonen in dit deel. Er is wat middenstand en een kleine dorpsschool. Nieuwvliet-Bad ligt direct aan de kust. Hier zijn veel campings en recreatieparken te vinden. Het brede zandstrand is de belangrijkste reden van de sterke toeristische activiteiten in dit deel van het dorp.

Etymologie

Nieuwvliet heeft betrekking op: Nieuw ingepolderd land aan een zeearm.

Sinte-Pier heeft betrekking op Sint-Petrus of Sint-Pieter, de patroonheilige van de kerk van Oud-Nieuwvliet.

Geschiedenis

De voorloper van Nieuwvliet is het verdwenen dorp Sinte-Pier, tegenwoordig ook wel Oud-Nieuwvliet genaamd. Het huidige Nieuwvliet ligt 2,2 km oostelijker en werd omstreeks 1602 gesticht toen de Groote Sint Annapolder werd heringedijkt. De Spanjaarden richtten hier een schans op die de naam Sint-Pieter kreeg. In 1604 echter kwam Nieuwvliet in Staatse handen.

Nieuwvliet was vanouds een hoge heerlijkheid. De eerste heer was Jan Adornis, een Brugse koopman die in 1527 de Sint Janspolder bedijkte, een polder in het Zwarte Gat tussen het Eiland van Groede en het Eiland van Cadzand. Hij stichtte de hoge heerlijkheid, waar de oudere heerlijkheden Nieuwvliet, Sint-Pieter en Mettenije in verenigd waren. In 1529 werd deze erkend door keizer Karel V. De drie voormalige heerlijkheden werden in het wapen van Nieuwvliet voorgesteld door drie wassende manen.

Heren van Nieuwvliet

Jeronimus Adornis volgde Jan op in 1550. Deze werd in 1558 door Jacob Adornis opgevolgd. In 1604 kwam de heerlijkheid in Staatse handen en werd uiteindelijk gekocht door Marcellus van der Goes. Diens dochter huwde met een telg uit de familie Borssele van der Hooge, zodat de heerlijkheid in het bezit van deze familie kwam. Uiteindelijk werd het door deze familie verkocht aan Pieter de Vos die bewindhebber was van de kamer Zeeland van de Vereenigde Oostindische Compagnie. Deze herbouwde het herenhuis in 1717 en liet in 1733 de heerlijkheid na aan zijn neef, Pieter Scheyteruyt de Vos. In 1769 werd ze, na het overlijden van Pieter Scheyteruyt, verkocht aan Jacobus Mersen die baljuw van de wateren was te Middelburg. Ten slotte werd de heerlijkheid in 1790 gekocht door Johannes Faro die bierbrouwer en notaris was te Groede. In 1794 kwamen echter de Fransen en werd de heerlijkheid afgeschaft. Het herenhuis, een buitenplaats in de Mettenijepolder, werd afgebroken.

Godsdienst

Omstreeks 1650 was het dorp Nieuwvliet verdeeld in twee gehuchten: Nieuwvliet en Sinte-Pier, elk met een tiental huizen. In Nieuwvliet woonden Nederduits hervormden en in Sinte-Pier woonden doopsgezinden. De laatsten stichtten in 1656 een vermaning. De hervormden konden niet achterblijven en ze bouwden een kerk in 1658 en deze bestaat nog steeds. Voordien gingen de hervormden in Cadzand ter kerke.

De doopsgezinde gemeente echter slonk, doordat veel lidmaten naar elders vertrokken. Vanaf 1753 kon men geen leraar (dominee) meer onderhouden en kerkte men te Aardenburg. De gemeente werd in 1777 opgeheven.

Nieuwvliet telde sinds 1733 ook lutheranen, namelijk de Salzburger emigranten. Deze kerkten te Groede.

Ten slotte dient genoemd te worden de Vrije Evangelische Gemeente, een streekgemeente waarvan de leden verspreid wonen over West-Zeeuws-Vlaanderen, welke in 2004 een nieuw kerkgebouw betrok.

Economie

Vanouds was de landbouw een belangrijke bestaansbron. Het betrof zowel landbouw en veeteelt. Het belang van de veeteelt nam gedurende de 20e eeuw af. Er bestond een scherpe tegenstelling tussen boeren en landarbeiders. Dit leidde tot de staking van 1930-1931 die acht maanden duurde. Daarna werden bonden erkend als onderhandelingspartner.

Industrie was er niet, afgezien van een windmolen die in 1619 werd opgericht, vernield in 1663 tijdens een storm, en heropgericht in 1664. Van meer recente datum zijn de Molen van Nieuwvliet aan de Molenweg uit 1850 en de Molen Luteyn uit 1859 aan de Mettenijedijk.

Tegenwoordig is vooral het toerisme van belang. Veel dijkhuisjes zijn vakantiewoningen geworden, in de omgeving van Nieuwvliet-Dorp en Nieuwvliet-Bad zijn tal van kampeerterreinen en bungalowparken en in Nieuwvliet-dorp is een bescheiden horeca. Strand en duinen vormen de belangrijkste attractie.

De gemeente Nieuwvliet telde in het begin van de 19e eeuw ongeveer 500 inwoners, die lang niet allen in het dorp woonden. Dit getal steeg tot maximaal 830 omstreeks 1845, en nam daarna weer geleidelijk af. Op 31 december 1945 woonden er nog maar 521 mensen.

De bevolking was zo gering dat de burgemeester van Nieuwvliet vaak tegelijkertijd ook burgemeester van Groede was.

Bezienswaardigheden

Het dorp telt maar enkele straten. De belangrijkste straat is de Dorpsstraat waaraan zich het kerkje bevindt en die op karakteristieke wijze door een molenromp wordt afgesloten.

De Hervormde kerk uit 1658 is een eenvoudig bakstenen zaalkerkje met een vierkante dakruiter. Het kerkje liep enige oorlogsschade op in 1944 en is in 1949 hersteld. Uit de tijd van de stichting stammen nog een witgeverfde preekstoel, een doophek en een kroonluchter.

De Molen van Nieuwvliet uit 1850

De Molen Luteyn, het restant van een molen uit 1859

Museum de Karekasse, museum over de Cadzandse klederdracht, gevestigd in een authentieke woning in de Dorpsstraat.

In de omgeving van Nieuwvliet liggen fraaie oude polderdijken waarlangs soms knotwilgen te vinden zijn. Het belangrijkste natuurgebied is de Verdronken Zwarte Polder met schorren en duinstruwelen. In dit gebied is een wandelroute uitgezet.

ENGLISH

Nieuwvliet (Sinte Pier) is a small village in the municipality of Sluis, in the Dutch province of Zeeland. The village is located in the Zeeuws-Vlaanderen region. The village has 459 inhabitants (2010).

The village actually consists of two parts: Nieuwvliet-Dorp and Nieuwvliet-Bad.

Nieuwvliet-Dorp is located two kilometers from the coast. Around 1600 the first buildings were built here. In addition to the Ned. Reformed church is not much left of the original development. Most residents live in this part. There is some middle class and a small village school. Nieuwvliet-Bad is located directly on the coast. Here you will find many campsites and recreational parks. The wide sandy beach is the main reason for the strong tourist activities in this part of the village.

Etymology
Nieuwvliet relates to: New embanked land on a sea arm.

Sinte-Pier refers to Saint Peter the patron saint of the church of Oud-Nieuwvliet.

History
The forerunner of Nieuwvliet is the disappeared village of Sinte-Pier, now called Oud-Nieuwvliet. The current Nieuwvliet is 2.2 km east and was founded around 1602 when the Groote Sint Annapolder was redesigned. The Spaniards set up a ramp here that got the name Sint-Pieter. In 1604, however, Nieuwvliet came into Dutch hands.

Nieuwvliet was traditionally a high glory. The first lord was Jan Adornis, a Bruges merchant who in 1527 diked the Sint Janspolder, a polder in the Zwarte Gat between the Island of Groede and the Island of Cadzand. He founded the high glory, where the old glories Nieuwvliet, Sint-Pieter and Mettenije were united. In 1529 it was recognized by Emperor Charles V. The three former glories were represented in the arms of Nieuwvliet by three waxing moons.


Gentlemen of Nieuwvliet
Jeronimus Adornis succeeded Jan in 1550. He was succeeded in 1558 by Jacob
Adornis. In 1604, the glory came in the hands of the State and was finally bought by Marcellus van der Goes. His daughter married a descendant of the Borssele van der Hooge family, so that the glory came into the possession of this family.

Eventually it was sold by this family to Pieter de Vos, who was in charge of the Zeeland Chamber of the Dutch East India Company. He rebuilt the mansion in 1717 and left in 1733 the glory to his nephew, Pieter Scheyteruyt de Vos. In 1769, after the death of Pieter Scheyteruyt, she was sold to Jacobus Mersen who was the bailiff of the waters in Middelburg. Finally, the glory was bought in 1790 by Johannes Faro who was a brewer and notary at Groede. In 1794, however, the French came and the glory was abolished. The mansion, a country estate in the Mettenijepolder, was demolished.

Religion
Around 1650 the village of Nieuwvliet was divided into two hamlets: Nieuwvliet and Sinte-Pier, each with a dozen houses. In Nieuwvliet, the Dutch were resurrected, and Mennonites lived in Sinte-Pier. The latter founded an admonition in 1656. The reformed could not stay behind and they built a church in 1658 and it still exists. Previously, the reformed in Cadzand went to church. The Mennonite congregation, however, shrank because many members left for elsewhere. From 1753 onwards one they could no longer maintain a teacher (minister) and they went to church in Aardenburg. The municipality was dissolved in 1777.

Nieuwvliet counted lutherans since 1733, namely the Salzburger emigrants. These went to church in Groede.

Finally, the Free Evangelical Congregation, a regional municipality whose members live spread over West-Zeeuws-Flanders, which in 2004 involved a new church building.

Economy
Traditionally agriculture was an important source of existence. It involved both agriculture and animal husbandry. The importance of husbandry declined during the 20th century. There was a sharp contrast between farmers and farm workers. This led to the strike of 1930-1931 which lasted eight months.

Then, unions were recognized as a negotiating partner.

Industry was not there, apart from a windmill that was erected in 1619, destroyed in 1663 during a storm, and re-established in 1664.

More recently build , the Molen van Nieuwvliet at the Molenweg in 1850 and the Mill Luteyn in 1859 at the Mettenijedijk .

Nowadays, tourism is particularly important. Many dike houses have become holiday homes, in the vicinity of Nieuwvliet-Dorp and Nieuwvliet-Bad there are numerous camping sites and bungalow parks and in Nieuwvliet-dorp is a modest catering industry. Beach and dunes are the main attraction.

In the beginning of the 19th century, the municipality of Nieuwvliet had about 500 inhabitants, many of whom did not live in the village. This number rose to a maximum of 830 around 1845, and then gradually declined again. On 31 December 1945 there were only 521 people.

The population was so small that the mayor of Nieuwvliet was often the mayor of Groede at the same time
The village only has a few streets. The main street is the Dorpsstraat, where the church is located and which is typically closed by a mill body.

Worth seeing
The Reformed Church from 1658 is a simple brick hall church with a square roof rider. The church suffered some war damage in 1944 and was restored in 1949. From the time of the foundation there is still a white-painted pulpit, a doophek and a chandelier.


The Molen van Nieuwvliet from 1850.


The Mill Luteyn, the remainder of a mill from 1859

Museum de Karekasse, museum about the Cadzand costume, located in an authentic house in the Dorpsstraat.

In the vicinity of Nieuwvliet there are beautiful old polder dykes along which pollard willows can sometimes be found. The most important nature reserve is the Verdronken Zwarte Polder with salt marshes and dune tears. A walking route has been set out in this area.

DEUTSCH

Nieuwvliet (in der Ortschaft Sinte Pier) ist ein kleines Dorf in der Gemeinde Sluis, in der niederländischen Provinz Zeeland. Das Dorf liegt in der Region Zeeuws-Vlaanderen. Das Dorf hat 459 Einwohner (2010).

Das Dorf besteht eigentlich aus zwei Teilen: Nieuwvliet-Dorp und Nieuwvliet-Bad.

Nieuwvliet-Dorp liegt zwei Kilometer von der Küste entfernt. Um 1600 wurden hier die ersten Gebäude errichtet. Neben dem Ned. Reformierte Kirche ist nicht viel von der ursprünglichen Entwicklung übrig. Die meisten Einwohner leben in diesem Teil. Es gibt eine Mittelklasse und eine kleine Dorfschule. Nieuwvliet-Bad liegt direkt an der Küste. Hier finden Sie viele Campingplätze und Freizeitparks. Der breite Sandstrand ist der Hauptgrund für die starken touristischen Aktivitäten in diesem Teil des Dorfes.


Etymologie
Nieuwvliet bezieht sich auf: Neues eingedeichtes Land auf einem Seearm.

Sinte-Pier bezieht sich auf St. Peter der Schutzpatron der Kirche von Oud-Nieuwvliet.

Geschichte
Der Vorläufer von Nieuwvliet ist das verschwundene Dorf von Sinte-Pier, jetzt Oud-Nieuwvliet genannt. Das heutige Nieuwvliet liegt 2,2 km östlich und wurde um 1602 gegründet, als der Groote Sint Annapolder neu gestaltet wurde. Die Spanier errichteten hier eine Rampe, die den Namen Sint-Pieter erhielt. Im Jahr 1604 kam Nieuwvliet in holländische Hände.

Nieuwvliet war traditionell ein hoher Ruhm. Der erste Herr war Jan Adornis, ein Kaufmann aus Brügge, der 1527 den Sint Janspolder niederlegte, einen Polder im Zwarte Gat zwischen der Insel Groede und der Insel Cadzand. Er gründete den hohen Ruhm, wo die alten Herrlichkeiten Nieuwvliet, Sint-Pieter und Mettenije vereint waren. Im Jahr 1529 wurde es von Kaiser Karl V. anerkannt. Die drei früheren Herrlichkeiten waren in den Armen von Nieuwvliet durch drei Wachsmonde vertreten.


Herr von Nieuwvliet Jeronimus Adornis folgte 1550 Jan. Dies war 1558 von Jakob
Adornis war erfolgt. Im Jahr 1604 kam der Ruhm in die Hände des Staates und wurde schließlich von Marcellus van der Goes gekauft. Seine Tochter heiratete einen Nachkommen der Familie Borssele van der Hooge, so dass der Ruhm in den Besitz dieser Familie gelangte. Schließlich wurde es von dieser Familie an Pieter de Vos verkauft, der für die Zeeland Chamber der Dutch East India Company verantwortlich war. Dieser baute die Villa 1717 wieder auf und verließ 1733 den Ruhm seines Neffen Pieter Scheyteruyt de Vos. Im Jahr 1769, nach dem Tod von Pieter Scheyteruyt, wurde sie an Jacobus Mersen verkauft, der der Gerichtsvollzieher der Gewässer in Middelburg war.

Schließlich wurde der Ruhm im Jahre 1790 von Johannes Faro gekauft, der ein Brauer und Notar in Groede war. Im Jahr 1794 kamen jedoch die Franzosen und der Ruhm wurde abgeschafft. Das Herrenhaus, ein Landsitz im Mettenijepolder, wurde abgerissen.

Religion
Um 1650 wurde das Dorf Nieuwvliet in zwei Weiler aufgeteilt: Nieuwvliet und Sinte-Pier, jeweils mit einem Dutzend Häuser. In Nieuwvliet wurden die Holländer wiederbelebt und Mennoniten lebten in Sinte-Pier. Letzterer gründete 1656 eine Ermahnung. Die Reformierten konnten nicht zurückbleiben und bauten 1658 eine Kirche, die bis heute existiert. Zuvor gingen die Reformierten in Cadzand zur Kirche.

Die Mennonitengemeinde schrumpfte jedoch, weil viele Mitglieder anderswo gingen. Ab 1753 konnte man in Aardenburg keinen Lehrer mehr zahlen oder einen Pfarrer. Die Gemeinde wurde 1777 aufgelöst. Seit 1733 zählte Nieuwvliet auch Lutheraner, nämlich die Salzburger Auswanderer. Diese gingen zur kirche in Groede.

Schließlich gab es in West-Zeeuws-Vlaanderen die Freie Evangelische Kongregation, eine Regionalgemeinde, deren Mitglieder leben, die 2004 ein neues Kirchengebäude umfasste.

Wirtschaft
Traditionell war die Landwirtschaft eine wichtige Existenzgrundlage. Es umfasste sowohl die Landwirtschaft als auch die Tierhaltung. Die Bedeutung der Tierhaltung nahm im 20. Jahrhundert ab. Es gab einen scharfen Kontrast zwischen Bauern und Landarbeitern. Dies führte zu dem Streik von 1930-1931, der acht Monate dauerte.

Dann wurden die Gewerkschaften als Verhandlungspartner anerkannt.

Industrie war nicht da, abgesehen von einer Windmühle, die 1619 errichtet wurde, 1663 während eines Sturms zerstört und 1664 wieder hergestellt wurde.

Später wurde die New Vliet Mühle am Molenweg 1850 und die Mühle Luteyn von 1859 gebaut.

Heutzutage ist der Tourismus besonders wichtig. Viele Deich Häuser wurden Ferienhäuser. In der Nähe von Nieuwvliet-Dorp und Nieuwvliet-Bad sind zahlreiche Campingplätze und Parks und in Nieuwvliet-Dorf ist eine bescheidene Gastfreundschaft. Strand und Dünen sind die Hauptattraktion.

Zu Beginn des 19. Jahrhunderts zählte die Gemeinde Nieuwvliet etwa 500 Einwohner, von denen viele nicht im Dorf wohnten. Diese Zahl stieg um 1845 auf ein Maximum von 830 und ging dann allmählich wieder zurück. Am 31. Dezember 1945 gab es nur 521 Menschen.

Die Bevölkerung war so klein, dass der Bürgermeister von Nieuwvliet zur selben Zeit Bürgermeister von Groede war.

Sehenswürdigkeiten:
Das Dorf hat nur ein paar Straßen. Die Hauptstraße ist die Dorpsstraat, wo sich die Kirche befindet.

Die reformierte Kirche von 1658 ist eine einfache Backstein-Hallenkirche mit einem quadratischen Dachreiter. Die Kirche erlitt 1944 Kriegsschäden und wurde 1949 restauriert. Seit der Gründung gibt es noch eine weiß gestrichene Kanzel, einen Doophek und einen Kronleuchter.


Der Molen van Nieuwvliet von 1850.


Die Mühle Luteyn, der Rest einer Mühle von 1859


Museum de Karekasse, Museum über das Cadzand-Kostüm, in einem authentischen Haus in der Dorpsstraat.

In der Nähe von Nieuwvliet gibt es schöne alte Polderdeiche, entlang den Weiden. Das wichtigste Naturschutzgebiet ist der Verdronken Zwarte Polder mit Salzwiesen und Dünenrisse. In diesem Gebiet wurde eine Wanderroute angelegt.