Posted on Leave a comment

De vermiste baby

de vermiste baby

De vermiste baby


de vermiste baby

Ze waren toe aan vakantie, Ute en Dietrich een jong stel uit Keulen in Duitsland.

Dietrich was stratenmaker en Ute werkte als serveerster in een café met uitzicht op de rivier de Rijn, waar dagelijks binnenvaartschepen en jachten passeerden alsook vele wandelaars en fietsers op de dagen dat het weer goed was.

Kort voor haar zwangerschap was Ute’s moeder overleden en toen ze zwanger werd, was het net alsof “iets” in haar zei, dat de geest van haar moeder zou voortleven in haar baby.

Ute hield van uitgaan en dansen, naar andere steden gaan, winkelen en reizen, voor zover dat mogelijk was, financieel gezien.

Dietrich was meer een gamer en een thuiszitter, maar hij sloot zich bijna altijd aan bij de wens van Ute om ergens heen te gaan.

Ute en Dietrich woonden in een eenvoudig, niet te duur appartementje, aan de rand van de binnenstad van Keulen. Alle winkels en horecagelegenheden waren binnen ‘handbereik’.

Als ze geen zin hadden om te koken waren er alternatieven genoeg zoals de Imbiss om de hoek, de Mexicaan, het Turkse afhaal restaurantje en vele andere zowel Duitse als buitenlandse zaakjes waar een keur aan afhaal-gerechten gehaald of thuisbezorgd kon worden.

Voordat het te verwachten drukke seizoen aanbrak voor het café waar Ute werkte, wilde ze nog een weekje met vakantie, niet te ver weg, Holland was niet zo ver en zo kwam het dat na enig gespeur op het internet, een vakantie huisje in Nieuwvliet werd geboekt en de voorbereidingen voor de vakantie van start waren gegaan. Met het nieuwe huisgenootje was het leven wel een ietsje complexer geworden, maar daar werd niet al te zwaar aan getild.

De bevalling was zwaar geweest, Anna-Rose was geboren met behulp van de keizersnee en Ute had weken nodig gehad om weer een beetje op krachten te komen.

Vol goede moed om de nare herinneringen van de laatste tijd, gemengd met de vrolijke gebeurtenis van de geboorte van hun baby trokken ze naar Nieuwvliet naar het huisje dat ze voor de duur van een week gehuurd hadden.

Anna-Rose was een vrolijke mooie baby en sliep voorbeeldig op de momenten dat dat voor een baby nodig was en huilde alleen om haar ouders te laten merken dat ze honger had.

Zowel Ute als Dietrich waren dol op de baby en vele uren werd het kindje dan ook bewonderd door beide jonge ouders.

Uiteraard ging de baby overal mee naar toe, maar was nog te klein om zelf te spelen dus werd ze vervoerd in de maxi-cosi, wat een handig vervoermiddel is voor baby’s van haar leeftijd.

Enkele dagen hadden Ute en Dietrich al genoten van het mooie weer in Zeeland en van het strand bij Nieuwvliet wat op dit moment in het voorseizoen in Mei, nog niet te druk was.

Na enige dagen besloten ze naar het dorpje Cadzand te gaan om eens te zien wat daar te beleven was. Ze wisten door de folders die ze in het gehuurde huisje hadden gelezen, dat Cadzand-bad aan zee lag en dat er ook brede stranden waren, dus togen ze van Nieuwvliet, met de auto van Ute’s vader, naar Cadzand-Bad.

Ze kwamen terecht vlakbij de Zwin-Hoeve, een camping tussen Cadzand en Retranchement.

De auto werd geparkeerd en het parasolletje werd aan de maxi-cosi bevestigd en zo gingen ze over het duinpad naar het strand in het natuurgebied ‘het Zwin’.

<ahref=”https://ds1.nl/c/?si=7887&li=1412237&wi=345750&ws=” target=”_blank” rel=”noopener sponsored”>

Het was een heerlijke dag, met volop zon, rustig weer en heerlijk warm water, voor de tijd van het jaar.

Ze hadden de zelfgemaakte lekkernijen uit het picknick mandje gegeten en Anna-Rose had haar flesje helemaal leeggedronken en lag rustig en vredig te slapen, beschermd tegen de zon door het parasolletje dat aan de maxi-cosi vastzat.

Ute had wat liggen lezen in een Nederlands tijdschrift, waar ze slechts de helft van begreep omdat ze geen Nederlands sprak en Dietrich was nadat hij een tijdlang ‘gebakken’ was in de zon, begonnen met het spelen van een spelletje op zijn I-phone.

Na enkele uren op het stand te zijn geweest, vonden ze het tijd om weer naar het vakantiehuisje te gaan en de spulletjes werden bijeengeraapt en terwijl ze in een heftige discussie verzeild geraakten

togen ze huiswaarts.

De intensieve conversatie duurde voort tot ze bij het huisje aangekomen waren en eenmaal in het vakantiehuis sloeg de schrik bij Ute om het hart.

Waar was Anna-Rose?

Door het drukke gesprek, waren ze helemaal vergeten de baby mee te nemen!

Huilend vertelde ze aan Dietrich dat Anne-|Rose nog in Cadzand moest zijn en daarop renden beiden naar de auto en vlogen, zich schuldig makend aan enkele behoorlijke snelheidsovertredingen richting Cadzand.

Intussen op het strand

Een ouder Nederlands stelletje had evenals Ute en Dietrich een aangename middag doorgebracht op het strand in natuurgebied het Zwin bij Cadzand.

Toen ze de spulletjes bij elkaar gezocht hadden om huiswaarts te keren, viel het hun op dat er een kindje, helemaal alleen op het strand in een maxi-cosi lag te slapen. Enige tijd daarvoor hadden ze nog wel mensen gezien, waarvan ze eerst dachten dat het de ouders waren, maar deze waren nergens te bekennen en ze wisten ook niet zeker of het de ouders wel waren.

Ze bleven nog een half uurtje langer dan gepland op het strand en mogelijke ouders van het kindje waren niet te zien.

Daarom besloten ze het kindje mee te nemen en gingen ermee naar het restaurant aan de andere kant van het duin, dat vlakbij was.

De eigenaar van het restaurant werd op de hoogste gesteld van het voorval en de Anne-Rose was inmiddels wakker geworden en scheen zich aardig te amuseren met het oudere echtpaar.

Deze oudere mensen zeiden “we wachten nog een half uurtje en als er dan niemand om het kindje komt, dan nemen we het mee naar het politie bureau in Oostburg.

Inmiddels bij de camping aangekomen renden Ute en Dietrich om het hardst naar de overkant van het duin, waar ze de middag doorgebracht hadden.

Tot hun grote schrik, was de baby verdwenen.

Vertwijfeld en diep geëmotioneerd probeerden ze aan de overgebleven mensen op het strand duidelijk te maken dat hun baby verdwenen was, in het gebrekkige Duits-half-Nederlands dat ze machtig waren.

Niemand had echter de baby gezien.

Radeloos keerden ze terug naar de auto maar als door een ingeving zei Dieter, kom we gaan even langs het restaurant om te vragen of iemand iets van Anna-Rose gezien of gehoord heeft alvorens we naar het politiebureau gaan om aangifte van vermissing te doen.

Ze stapten het restaurant binnen en wie zat daar, vrolijk kraaiend en spelend met een inmiddels verworven knuffel?

Ute schreeuwde haar naam huilend uit en rende naar de maxi-cosi en pakte Anna-Rose uit de maxi-cosi en drukte haar stevig tegen zich aan, terwijl de tranen van haar wangen op het kindje vielen.

de vermiste baby met moeder

Na een moeilijke conversatie met het oudere echtpaar die deze mensen ‘s middags met de baby op het strand gezien hadden en die Anna-Rose in veiligheid gebracht hadden en duizend maal bedankt te hebben gezegd, keerden Ute en Dietrich met rode gezichten van schaamte en van blijdschap en met Anna-Rose, terug naar hun vakantie woning in Nieuwvliet.

Posted on Leave a comment

003 – De Huilbaby

huilbaby

De Huilbaby 

Een anekdote van Dre Welsuit

Ede, juli 1995

Het was midden in de zomer, met 38 graden en geen wind, bloedheet.

Werner, de baby van een half jaar lag lekker in zijn wiegje te slapen.

Papa en mama zaten buiten in de schaduw, een beetje te lezen, te praten over van alles en nog wat en na de koffie en thee nog vele glazen water en af en toe een glas limonade te drinken.

Toen werd plotseling de stilte doorbroken door Werner, die begon te huilen.

Mama pakte hem uit de wieg en wiegde hem heen en weer om hem te troosten, echter zonder resultaat.

Wernertje bleef maar huilen en huilen.

Papa en mama werden na een tijdje toch wel wat ongerust, wat moesten ze doen? Had Werner honger?

Zijn flesje pap lustte hij niet dus dat was niet waarschijnlijk.

Zou hij ziek zijn? Natuurlijk kon een baby van een half jaar oud niet vertellen wat er aan de hand was.

Mama dacht na wat er die dag allemaal gebeurd was. Ze had de boel gestoft, eten klaargemaakt en zelf een broekje voor Werner genaaid, allemaal voor haar geen bijzondere dingen.

Werner was gewassen en had pas een schone luier aan gekregen en zag er topfit uit met de rode bolle wangetje die hij had.

Tot een paar uur geleden was er met Werner niets aan de hand en was hij een leuke levenslustige baby.

Werner brulde de hele buurt bij elkaar, was dan weer 2 minuten stil en begon dan opnieuw onbedaarlijk te huilen.

Dit ging zo al enkele uren door en de bezorgde ouders hadden allebei al eens naar hun eigen ouders gebeld om te vragen wat er mogelijk aan de hand zou kunnen zijn.

De grootouders wisten uiteraard ook niet vanaf afstand een diagnose te stellen en hadden de gebruikelijke checklist doorgenomen.

  1. Wat heeft hij gegeten
  2. Zou hij last van de warmte hebben
  3. Moet hij hoesten
  4. Heeft hij overgegeven

en nog meer van dit soort vragen werden door de ouders beantwoord, waarna iedereen met het raadsel achterbleef, waarom de baby huilde.

In de namiddag besloten de ouders om toch maar eens bij de dokter langs te gaan want het gedrag van hun baby was voor hun toch zeer verontrustend en een dokter weet vaak meer over mogelijke oorzaken.

Bij de dokter aangekomen, na een tijdje in de wachtzaal te hebben gezeten werden ze binnengeroepen met hun Werner die nog steeds aan het huilen was.

Papa en Mama deden uitvoerig verslag van wat er overdag allemaal gebeurd was, wat Werner

allemaal gegeten had enzovoort.

“O.K.” zei de dokter, ik zal hem eens onderzoeken.

De baby werd uitgekleed en mocht zijn luier aanhouden terwijl de dokter met zijn stethoscoop luisterde naar de longen en het hartje.

Er werd aan de armpjes en beentjes getrokken en diverse andere tests gedaan, maar Werner bleef in dezelfde frequentie huilen en huilen.

“Goed” zei de dokter teken de mama van Werner, “Wilt u zijn luier eens uitdoen dan zoeken we verder”!

Toen zag de dokter meteen wat er aan de hand was. Werner had een klein wondje aan zijn bovenbeen en dat kwam door….

Mama wist het meteen…., toen ze het broekje voor Werner gemaakt had, had ze daarvoor een hoop spelden gebruikt en die uiteraard nadat het klaar was, terug in de doos gedaan.

Waarschijnlijk was er een speld aan haar kleren blijven hangen en die was tijdens het verschonen in de luier van Werner gevallen.

Deze speld prikte bij iedere beweging van de baby, steeds weer in zijn been.

Nadat zijn luier uitgedaan was, stopte Werner meteen met huilen en begon naar de dokter te lachen, alsof hij dankbaar was dat de dokter het euvel verholpen had.

De dokter moest hartelijk om het voorval  lachen.

Papa en Mama die inmiddels een hoofd had dat zo rood was als een tomaat, zijn daarna snel naar huis gegaan en hebben over het voorval nooit meer met iemand gesproken.

Natuurlijk willen jullie graag weten wie de ouders waren maar…

Nee…. wij waren het niet zelf maar euh….

Dit valt nu eenmaal onder het schrijversgeheim!

Posted on Leave a comment

002 – De Duim

kapmes

De Duim 

Een anekdote door Dre Welsuit

Een vreselijk  verhaal dat speelde rond 1920 in Zeeuws Vlaanderen in de provincie Zeeland.

Ze waren altijd met z’n tweeën, de landarbeiders Jan en Jan. De ene noemden ze Jan Hette en de tweede Jan Pette, omdat de eerste graag ‘hetten’ (een soort beenbeschermers) droeg die tegenwoordig niet meer vaak gebruikt worden en de tweede Jan droeg altijd waar hij ook heen ging, een pet.

Jarenlang bewerkten ze het land voor de ‘Herenboer’ en grootgrondbezitter  Guust de Paepe. Deze grootgrondbezitter had tientallen landarbeiders in dienst om het land te laten bewerken.

Dagelijks zwoegden de landarbeiders vele uren op het land om de kost te verdienen voor hun vaak grote gezinnen.

Jan Pette had 10 kinderen en dat kwam eigenlijk doordat de pastoor, toen hij pas getrouwd was, elk jaar kwam vragen of er nog een kindje bijkwam omdat het zo leuk was om een groot katholiek gezin te hebben en zoals het een goed katholiek ook betaamde.

Om wat bij te verdienen had Jan naast zijn eigen grote tuin nog een stukje grond in pacht om groenten en fruit te kweken in zijn schaarse vrije tijd. Daarnaast stond Jan elke morgen (7 dagen in de week zomer en winter) ’s morgens om half vijf op om de paarden van de boer eten en drinken te geven, alvorens te voet uiteraard naar het land te lopen om daar te beginnen met de dagelijkse werkzaamheden, zoals het maaien van het graan, het ‘stuiken’ van het vlas en het “kappen” van de bieten (= Met een vlijmscherpe bijl, het loof van de biet hakken. Het loof werd gebruikt als veevoer en van de biet werd suiker gemaakt.), wat in die tijd allemaal handmatig gebeurde.

paard2

Het betreft in dit verhaal  natuurlijk de oogsttijd en niet de zaaitijd waar de jannen in het voorjaar hielpen met het zaaien en planten van de gewassen en het omspitten van het land. Onder het werk hadden de jannen meestal de meeste lol en lachten wat af met de domme verhalen die ze zelf verzonnen over hun eigen dieren, hond, kat en meestal ook een geit of over de boer als die er niet bij was en over vrouwen.

Tijdens het vertellen van een van deze verhalen waren de jannen bieten aan het kappen. Dit werk werd toen nog  geheel handmatig gedaan met een vlijmscherp kapmes. Duizenden en duizenden bieten hadden beiden reeds gekapt in de voorbije jaren.

Toen Jan Hette tijdens het werk weer eens een domme opmerking maakte over een vrouw en een geit, schoot Jan Pette dusdanig in de lach, dat hij per ongeluk met één slag zijn duim afkapte waarmee hij zojuist een biet gepakt had om te bewerken. Een bloederig tafereel natuurlijk.

Geheel tegen zijn geloof in vloekte hij onbedaarlijk en met een verbeten gezicht keek hij jan Hette aan, die natuurlijk spijt had van zijn opmerking en die hem lijkbleek aankeek.

Het leven was hard en medelij kende men niet. Geld was er niet en zo kwam het dat Jan Pette na enige tijd zijn zakdoek om zijn  duim draaide en doorging met werken. Geld voor een dokter was er sowieso niet.

Na een week haalde jan de zakdoek van zijn duim weg, om eens te kijken wat er van geworden was.

De duim was helemaal zwart geworden en er kon niets anders mee gedaan worden dan weggooien.

Jan Pette is wel 91 jaar geworden, maar het leven was sindsdien tot aan zijn pensioen in de zestiger jaren nog harder en moeilijker voor hem.

kapmes
Posted on Leave a comment

001 – De hond

hond
hond

De hond

Ze stonden te fluisteren in de werkplaats voor het kantoor van de baas die aan zijn bureau zat te werken.

5 werknemers in overal variërend in lengte van 1.95m tot 1.56m.

Ze keken elkaar aan met ongeloof, dan weer geamuseerd tot ze plotseling in een gierend en brullend lachen uitbarstten.

“Dat zeg ik tegen de baas” zei Henk (bijgenaamd ‘de korte’) en hij voegde woord bij daad en stapte het kantoor van de baas binnen.

Schijnbaar ‘verbolgen’ klopte hij aan en stapte hij het kantoor van de baas binnen terwijl de andere vier in afwachting van wat gebeuren zou door het raam mee naar binnen stonden te kijken.

Zou Henk dat durven?

“Baas” nou moet u eens luisteren. “De mannen van het bedrijf hiernaast dat zijn toch smeerlappen hé!”

“O ja” ?  “Waarom”? Vroeg de baas die meteen alert opkeek uit zijn werk dat voor hem lag.

“Nou” Zei Henk. “Deze morgen liep er een zwerfhond hier op het terrein en die mannen lieten dat arme dier benzine drinken”.

“Dat is toch wel erg smerig hé?” De baas was het daarmee eens.

Vervolgens ging Henk door met zijn verhaal.

“Daarop begon die hond als een dolle rondjes te lopen en maar rennen en rennen”, het dier wist niet meer van ophouden.

“Plotseling viel hij neer.”

“Ja …En? Was hij dood”? vroeg de baas nieuwsgierig.

“Welnee” zei Henk…”zijn benzine was op”!

Ook de baas schaterde het uit van het lachen samen met het inmiddels toegestroomde kantoorpersoneel en de collega’s van Henk die ook allemaal het verhaal meegeluisterd hadden.

Of Henk ooit nog opslag heeft gehad, is niet bekend.